Kyotaku                                                                                                                           
                                    
De Zen fluit met een bijzonder warme en stiltebrengende klank. 

Algemene principes voor de ademhaling.

 

Voor een goede ademhaling is het allereerst belangrijk een goede houding aan te nemen. De traditionele seiza houding waarin de Japanners zitten is voor een westerling feitelijk niet geschikt. Het vergt veel te veel van knieën en enkels. In Japan oefent men deze houding al van kinds af aan, als het lichaam vanwege het vele kraakbeen nog flexibel is. Voor iemand die niet met deze houding is opgegroeid is de beste houding staand. Ook zittend op een stoel kan uitstekend, doch dan moet je voor op de zitting gaan zitten, zodanig dat je de zitbotten op de zitting voelt drukken. Niet rusten tegen de leuning en de rug rechtop houden. Wees je ervan bewust dat je bij de uitademing langer wordt, en behoud die lengte bij de inademing. Het middenrif heeft op die manier de meeste bewegingsvrijheid. Ook staan is een zeer goede houding om te spelen, die zeer veel ruimte in de buik geeft.

Kyotaku ademhaling.

Bij het Kyotaku spelen doen we geen speciale oefeningen voor de adem. Het is vooral van belang om zeer rustig en ontspannen en zonder forceren te ademen. Het lichaam gaat dan vanzelf de juiste dingen ontdekken en de adem wordt vanzelf langer en rustiger, en het kyotaku-spel zal zich steeds meer verinnerlijken.

Toch heb ik bij wijze van onderzoek een aantal van de bekendste adem-oefeningen en technieken bij elkaar verzameld en vertaald; doch deze zijn meer op shakuhachi van toepassing dan op kyotaku, hoewel het Sasa-buki ook in kyotaku muziek gebruikt wordt.

 

Ro-buki en Lange Tonen voor de shakuhachi.

 

Ro is de eerste noot op een shakuhachi, met alle vingergaten gesloten. Buki is de Japanse stam van het werkwoord “fuku”, dat “blazen” betekent. Daarom betekent Ro-buki : Ro blazen, zonder meri of kari.

In Katsuya Yokoyama’s stijl is het spelen van Ro-buki , en speciaal otsu-no-Ro ( Ro in het laagste octaaf ), als begin van het shakuhachi spelen zeer belangrijk. Het legt de basis voor de te spelen muziek. Er zijn verschillende vormen van Ro-buki die men kan beoefenen om goede blaastechniek en dynamiek te ontwikkelen. Hieronder volgt een beschrijving van enige van de bekendste daarvan.

 

Hoofdzakelijk door de neus ademen, en terwijl het lichaam ontspannen en de lucht naar beneden drukken in het middenrif. De uitademing is het belangrijkste. Als je voelt dat de schouders omhoog komen, moet je ze naar beneden drukken, zodat de lucht naar beneden gaat, naar het middenrif.

Aan het eind van de toon moet je zoveel lucht naar buiten drukken als je maar kunt. Hierbij kun je ook goed visualisatietechnieken gebruiken, zoals bijvoorbeeld uit Tibetaanse of Tao-istische meditatietechnieken.

 

De volgende technieken zijn goed voor het trainen van de adem:

 

  1. Sasa-buki” of “Bamboe-blad”

Begin zo zacht mogelijk te blazen, dan langzaam aan harder en harder, en dan langzaam weer zachter tot het geluid heel langzaam wegsterft.

 

  1. Kyosui” ( leeg blazen ).

Gelijk aan “Kusabi-buki”, slangenbeet, maar beginnend met een meer natuurlijke ademhaling en wegstervend in het niets, zo geleidelijk als mogelijk is, met de nadruk op de stilte aan het einde.

 

  1. “Tsuzumi” ( Noh-trommel, in de vorm van twee driehoeken met de punten aan elkaar verbonden). Je begint met een flinke luchtstoot ( bijvoorbeel muraiki , dan langzaam aan zachter tot bijna niets en daarna weer harder naar een muraiki.

  2. “Slangenbeet” ( een soort kusabi-buki , wig-vormig blazen)

 Je begint met muraiki en zwakt langzaam aan af tot niets.

 

  1. “Sankaku” (driehoek )

 Een zijde van de tsuzumi, je start zo stil mogelijk en gaat steeds harder om te eindigen met muraiki.

 

  1. Het blazen van een noot zo stil als maar mogelijk is. Dit is vooral een uitdaging in de hoge registers. Gebruik geen kubi-furi (vibrato vanuit de nek). Als je elke noot van onder naar boven 5 minuten oefent, ben je al gauw een uur bezig.

  2. Een andere oefening is het oefenen van lange tonen met je gezicht tegen de wind in. Het helpt heel goed om je embouchure te oefenen.

 

Om een mooie, krachtige ronde toon te krijgen helpt het om te doen alsof je een ping-pong bal in je mond hebt tijdens het blazen. Ook het in de juist richting blazen is zeer belangrijk om een juist toonhoogte te krijgen. Veel mensen ontwikkelen de gewoonte om teveel naar beneden te blazen zodat de tonen meestal te laag zijn.

 

Het gebruik van kubi-furi of andere vibrato tijdens Ro-buki wordt door Yokoyama-sensei sterk afgeraden.

 

Kari – Meri

 

Dit wordt vaak voorgesteld als het meest moeilijke aspect van het shakuhachi spelen. Het wordt vaak gepresenteerd op een mysterieuze manier als iets enorms dat moet worden veroverd. Vanaf het begin af aan benadert de shakuhachi speler kari-meri, en in het bijzonder meri met enige schroom.

 

Wat is het ?

 

Kari is eigenlijk de normale manier van spelen van de vijf pentatonische noten op de shakuhachi, en de druk tussen de top van de fluit en de kin moet zijn “als een veertje”.

Meri is een techniek die tot resultaat heeft de hoogte van de toon te verlagen.

 

Vaak wordt er gezegd dat kari-meri betekent “hoofd op en hoofd neer”.

Dit is niet helemaal waar; de term betekent letterlijk “toonhoogte omhoog en toonhoogte omlaag”. Notatie systemen geven niet aan in de notaties dat de normale pentatonische noten kari zijn. Het is belangrijk dit te begrijpen. Gewoonlijk wordt de term kari gebruikt voor noten waarvan de toonhoogte hoger is dan de normale toestand.

Bijvoorbeeld: De grondtoon van een 1.8 shakuhachi is D. Als je meri speelt wordt de toonhoogte verlaagd naar Cis, en als je nog verder meri blaast (ook wel O-meri of dai-meri genoemd) krijg je een toonhoogte van C. Als je de D meer kari speelt verhoog je de toonhoogte tot Es, of mogelijk nog een beetje hoger.

 

Wat gebeurt er als ik meri speel en waarom verandert de toonhoogte?

 

Dit is eigenlijk heel eenvoudig, hoewel het vaak als moeilijk gebracht wordt. Het spelen van kari-meri met als resultaat het veranderen van toonhoogte is simpelweg het resultaat van het verder openen of sluiten van het blaasgat aan de bovenzijde.

Kari is het proces van het verder openen van de blaasopening.

Meri is het verder afsluiten van de blaasopening.

 

Kari-meri heeft niets te maken met de blaasintensiteit of blaashoek en betekent niet dat je je hoofd op en neer hoeft te bewegen.

 

Hoe speel je kari-meri ?

 

  1. De fluit naar binnen en naar buiten te bewegen.

In de normale speelpositie moet de druk van de shakuhachi tegen de kin zo licht zijn “als een veertje”. Als je deze druk verhoogt door de fluit naar de kin toe te drukken, verklein je het gat tussen je lippen en de utaguchi. Het blaasgat wordt dus kleiner. Als alle andere factoren dan onveranderd blijven resulteert dit in een verlaging van de toonhoogte. Als je daarentegen de druk van de fluit tegen de kin vermindert, zal het gat groter worden en de toonhoogte stijgen. Het is dus belangrijk altijd je bewust te zijn van de druk van de fluit tegen de kin tijdens het spelen.

 

  1. Je lippen naar binnen en naar buiten bewegen.

Als je de lippen ontspant, neigen ze ernaar in de richting van de utaguchi  te bewegen. Dit maakt de opening tussen je lippen en de utaguchi kleiner, hetgeen resulteert in een verlaging van de toonhoogte. Iets meer spanning in de lippen brengen trekt de lippen weg van de utaguchi en resulteert in een stijging van de toonhoogte. Om deze beweging te leren beheersen is wel enige oefening nodig, maar het loont wel de moeite.

Helaas ontstaat er vaak onbewust spanning in de lippen, en dit veroorzaakt dan problemen. Zoals al eerder opgemerkt, het spelen van een meri noot gaat vaak gepaard met enige inspanning, en deze spanning is er dan juist de reden van dat de meri niet goed lukt. Benader het spelen van meri met ontspannen lippen !

 

  1. Het hoofd op en neer bewegen.

Dit wordt vaak gepresenteerd als “de” manier om kari-meri te spelen. Laten we als eerste een lesje nemen in geometrie. Als je het hoofd op en neer beweegt, ( je hoofd knikt ), in welke richting bewegen je lippen dan ? Het antwoord is natuurlijk op en neer. Als je nu probeert een straaltje lucht op de rand van de utaguchi te richten, gaat deze beweging waarschijnlijk problemen opleveren. Hoe lossen we dit nu op?

Ten eerste, in plaats van je hoofd te draaien om het punt aan de top van de ruggengraat ( schedelbasis ) zoals je doet wanneer je het hoofd knikt, probeer je het draaipunt lager te leggen. Als je dit doet zul je merken dat hoe lager dit draaipunt, hoe meer de lippen naar en van de utaguchi rand bewegen. En dat is wat we willen bereiken. We willen de blaasopening vergroten en verkleinen. Dus bedenk dat als je het hoofd knikt, de lippen in de richting van de utaguchi gaan.

Ten tweede, als je het hoofd naar beneden brengt, stel je je voor dat de rand van de utaguchi de neerwaartse beweging van de lippen volgt. Als je dit probeert zul je opmerken dat de druk tussen de fluit en de kin/lippen op natuurlijke wijze toeneemt. Je moet in de geest een sterke verbinding ontwikkelen tussen de lippen en de rand van de utaguchi.

Traditioneel werd het hoofd altijd recht naar beneden en naar boven bewogen. Tegenwoordig is het echter ook gebruikelijk om het hoofd diagonaal naar beneden te bewegen, waarbij de zijkant van de fluit dan tegen de mondhoek wordt gedrukt. Deze manier heeft tot voordeel dat je de meri  luider kunt spelen dan op de traditionele manier.

 

  1. Het mondstuk van de shakuhachi naar beneden bewegen.

Deze manier van meri wordt door Kaoru Kakizakai in zijn schakuhachi tips beschreven. Hierbij druk je de fluit naar beneden tegen de kin, door extra druk uit te oefenen met de vinger op het 4e gat. Je drukt hierbij de fluit iets naar beneden, zonder de hoek van de fluit ten opzichte van het gezicht te veranderen. Op deze manier kun je een meri spelen zonder de hoek, c.q. mondvorm te veranderen. Wat er in feite gebeurt als je dit goed doet is: je huid, waarop de fluit op de kin rust, schuift een beetje naar beneden. Het is dus niet de shakuhachi die over de huid naar beneden schuift, maar de huid waarop de shakuhachi  rust verschuift over het bot van de kin naar beneden. Dit gebruiken, samen met een beetje diagonaal naar beneden bewegen geeft veel gemakkelijkere meris.

 

Welke kari-meri techniek is het beste?

Ze zijn allemaal van toepassing en moeten elk apart beoefend worden.

Oefening 1: Speel een geheel stuk zonder enige hoofdbeweging.

Oefening 2: Doe oefening 1 en speel kari-meri door de fluit naar binnen en naar buiten te bewegen ( denk eraan dat de hoek waaronde je de fluit houdt altijd 45 graden blijft).

Oefening 3: Doe oefening 1 en beweeg alleen de lippen naar voren en achteren.

Oefening 4: Gebruik je verbeelding en experimenteer, en denk er vooral om ontspannen te blijven.

 

Er is een school die zegt dat de komuso hun hoofd helemaal niet bewogen of konden bewegen omdat ze een zware mand-hoed ( tengai ) droegen.

Je zult ook ontdekken dat het hoofd naar boven en naar beneden bewegen het produceren van geluid ernstig bemoeilijkt, bijvoorbeeld als de fluit verschuift op de kin, zodat soms het totale geluid wegvalt. Het hoofd op en neer bewegen kan dus moeilijkheden veroorzaken.

Belangrijk is dat de speler de verschillende methoden zoals hierboven beschreven begrijpt. Als je dat kunt, heb je de vrijheid de manier te gebruiken die op dat moment het beste is. Je wordt vrij in je keuzes en het spelen van meri noten wordt plezierig.

 

Moeten meri  noten altijd zachter zijn en meer ademruis laten horen ?

Als je het hoofd naar beneden beweegt is het waarschijnlijker dat je de noot volledig kwijt raakt, dus is het natuurlijk dat de speler dat compenseert door de opening tussen de lippen iets te vergroten, zodat de kans om de noot totaal te verliezen veel kleiner wordt. Het resultaat hiervan is dat de noot zachter en winderiger wordt. Je kunt deze neiging compenseren door meer aandacht te leggen op je embouchure als je meri speelt. Meri noten kunnen net zo helder en krachtig zijn als kari noten. Je kunt natuurlijk wel de noten zachter spelen als je dat nodig vind in het stuk.

Oefening: Speel elke meri noot in het lage octaaf. Kun je gemakkelijk wisselen van otsu naar kan door lichtjes de druk tussen de lippen te vergroten? Dit moet mogelijk zijn. Alle meri noten moeten zo worden gespeeld dat de noot gemakkelijk wisselt naar het octaaf erboven.

 

Ten tweede : het naar beneden bewegen van het hoofd heeft de neiging de luchtweg te vernauwen. Je moet je hiervan bewust zijn en dit compenseren.

Ten derde: tijdens het vormen van een meri noot, wanneer er al zoveel is waar we op moeten letten, zijn we geneigd te vergeten om de druk in het middenrif te behouden. Houd hier druk op !

 

Ten vierde: de toonhoogte hangt samen met de luchtsnelheid. Als we de luchtsnelheid verlagen ( zachter blazen ) zal de toonhoogte iets lager worden. Je moet de luchtsnelheid behouden en tegelijk de hierboven beschreven technieken gebruiken om de gewenste toonverlaging te krijgen.

Waarschuwing: Als je te veel “blaast” bij het meri spelen, stijgt de toonhoogte te veel. Niet “blazen”. Er is een verschil tussen de druk in je middenrif verhogen en harder blazen ! Als je teveel “blaast” bij meri gaat de toon ook winderiger klinken.

 

Waarom lijkt de kari noot die ik speel na een meri noot te laag in toonhoogte ?

Dit is de meest gemaakte fout bij het shakuhachi spelen. Als je een meri noot speelt is er bijna altijd een toename in druk tussen de bovenkant van de fluit en de kin. Als de volgende noot dan weer kari is, en je beweegt het hoofd weer omhoog, maar je behoudt de druk tussen de fluit en de kin, dan wordt deze noot te laag in toonhoogte.

Onthoud: voor kari noten moet de druk van de fluit op de kin zo “zacht als een veertje” zijn.

 

Als je meri gemakkelijk thuis kunt spelen, maar niet voor publiek of voor je leraar.

Bij je leraar of voor publiek heb je gewoonlijk wat zenuwen / spanning.

Dit resulteert vaak in een spanning in de lippen, waardoor de meri dan niet goed lukt.

Oplossing: als toehoorders van ons eigen spelen, zijn we vaak te vergevingsgezind en niet kritisch. Vaak is datgene dat we denken te spelen heel anders dan wat we werkelijk spelen. Stel je voor dat je voor een zeer kritisch publiek speelt als je thuis oefent. En als je een meri toon gaat spelen denk je in gedachten “ontspan de lippen”. Blijf dit oefenen tot het een natuurlijke reaktie wordt.

 

Tenslotte : besef dat kari-meri in feite een gemakkelijke techniek is. Het is alleen het verder openen en sluiten van de blaasopening van de shakuhachi. Niet meer en niet minder. Geen geheimen en geen mysterie. Gewoon ontspannen.

 

Muraiki.

 

Wat is muraiki?

Muraiki betekent letterlijk : onregelmatige adem / onregelmatig blazen. Het wordt ook wel omschreven als “een luchtstoot” , “als het geluid van de wind door de bamboebladeren” , “een ruisend wind-geluid” etc.

Het kan krachtig en hard zijn, of zacht en subtiel.

 

Moet je de tong omhoog houden tijdens muraiki ?

Dit is een manier om een geluid met ademruis te produceren. Het hoog houden van de tong creeert turbulentie en maakt het geluid ruisend. Op deze manier is het echter wel moeilijk om veel kracht in de muraiki te leggen.

Daarentegen, als je een puur geluid zonder windruis wilt produceren, kun je de turbulentie reduceren door:

·        De tong laag te houden in de mondholte.

·        De mondholte zo groot mogelijk te maken. Visualiseer een ping-pong bal in je mond.

·        Maak de mondholte zo groot mogelijk door te visualiseren dat je de noot hardop zingt.

·        Maak de borstkas en het middenrif zo groot mogelijk. Stel je het lichaam voor als een groot leeg vat.

 

Een andere manier om het geluid ruisender te maken.

Harder blazen veroorzaakt meer ademruis, maar dit heeft meestal ook tot gevolg dat de toonhoogte ongewenst stijgt.Probeer het volgende: beweeg de lippen dichter naar de utaguchi en blaas dan harder. Dit compenseert niet allen de verhoging in toonhoogte, maar het ruisend geluid neemt ook enorm toe. De tips voor meri waarschuwen tegen “blazen”. Dat is omdat je als je meri speelt en “blaast”, dat je dan heel veel ruis ontwikkelt.

 

Om meer kracht in de muraiki te krijgen.

Beweeg je lippen dichter naar de utaguchi en “BLAAS”.

 

 

De techniek van “NIET – BLAZEN”.

 

Voor het bespelen van de shakuhachi moet je de techniek van “niet-blazen” meester worden. Hieronder een beschrijving van hoe dat moet.

 

1.      Adem in.

2.      Stel je voor dat de adem naar de bodem van je middenrif valt en dat hij onder druk staat.

3.      Houd de lippen op elkaar en verhoog de druk op het middenrif.

4.      Verhoog de druk in het middenrif nog meer, totdat er een beetje lucht tussen de gesloten lippen door blaast.

5.      Probeer dit te laten ophouden door de lipspanning weer te verhogen.

6.      Verhoog de druk in het middenrif weer totdat de lucht weer naar buiten spuit.

7.      Verhoog de lipspanning ………..etc. etc. etc.

 

Het gevoel in je middenrif moet net zo zijn als wanneer je een heel dunne ballon op moet blazen. Feitelijk ben je dus niet aan het “blazen”, maar probeer je meer de lucht binnen te houden. Een goed geluid is afhankelijk van een goede “druk” vanuit het middenrif, en wordt verpest door feitelijk “blazen”. Je moet dus het verschil leren tussen middenrif ademhaling en “blazen”. Het is feitelijk alleen het middenrif dat de druk op de adem houdt, en niet de keel. Je moet dus de adem inhouden terwijl je een hoge druk op het middenrif houdt, terwijl je toch een zachte luchtstroom door de lippen naar buiten laat passeren. Schijnbaar tegenstrijdige begrippen als “adem terughouden”  en “op druk houden” zijn nodig voor een goed begrip.  Dit te leren vergt veel tijd en oefening.

 

Moet je hard blazen om een hard geluid te krijgen?

Het antwoord is nee. Als je “blaast” om een hard geluid te krijgen, kan het wel luid lijken,  maar het zal snel wegsterven. Als je de middenrif techniek gebruikt zal zelfs een zacht geluid over grote afstanden te horen zijn…………. tot aan het einde van het universum.

Je moet het verschil leren tussen “veel druk” en “blazen”.

Niet “blazen” ! ! !

Met dank aan Alcvin Ramos en Andre McGregor voor het mogen vertalen van hun aanwijzingen voor het spelen.

 


 
       home
    de kyotaku
    geschiedenis
Koko Nishimura
     shakuhachi
      muziek
   biografie
  links
     agenda
   woordenlijst
     contact

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

        

                                - home - de kyotaku - geschiedenis - Koko Nishimura - shakuhachi - muziek - biografie - links - agenda - woordenlijst - contact -
                                                                                       

                                                                                                     
© Copyright Kyotaku.nl 2006